Heemskerk in de periode 1940-1945

terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

Inleiding


Duitse divisies die in Nederland gelegerd waren tijdens de oorlogsjaren



1940

Aankomst
Juni:		197ste  Infanterie Divisie met drie regimenten
		SS-verfugungs Divisie met drie regimenten	
		SS-Totenkopf Bataljons 4-11-14
Augustus:	12de Infanterie Divisie
		30ste Infanterie Divisie

Vertrek
December:	SS-verfugungs Divisie

Over:		197ste  Infanterie Divisie met drie regimenten
		SS-Totenkopf Bataljons 4-11-14
		12de Infanterie Divisie
		30ste Infanterie Divisie

1941
		Troepencommando wordt vanaf begin 1941 aangeduid als Kommando LXXXVIIIe Armeekorps 
		afgekort als O.K. LXXXVIII A.K.

Aankomst	
Februari:	82ste Infanterie Divisie
		Wordt ingezet langs de Nederlandse kust van Kijkduin tot aan Den Helder en op de Waddeneilanden 

Vertrek
Februari:	197ste  Infanterie Divisie
		SS-Totenkopf Bataljons 4-11-14

Over:		82ste Infanterie Divisie	 
		12de Infanterie Divisie
		30ste Infanterie Divisie

Aankomst
Juli:		719de Infanterie Divisie 
		Wordt ingezet langs de Nederlandse kust van Kijkduin tot een met Schouwen Duivenland in Zeeland

1942

Aankomst
April:		167ste Infanterie divisie
Juli:		Infanterie E-Divisie
		Wordt opgesteld in de 2de lijn tussen Amsterdam, Amstelveen, Alpen aan de Rijn en Rotterdam. 

Vertrek
April:		82ste Infanterie Divisie

Over:		719de Infanterie Divisie
		167ste Infanterie divisie
		Infanterie E-Divisie
1943

Aankomst
Januari:	16de Luftwaffe Feld Devisie
Februari:	SS-Ersats Bataljon, onderdeel van de Luftwaffe Feld Divisie
		5 Bataljons Oostbataljons (Russische krijgsgevangenen) 
Mei:		Onderdeel Brits-Indiërs 
September:	Bataljon Georgiërs

Vertrek
Februari:	167ste  Infanterie Divisie
September:	Onderdeel Brits-Indiërs
Oktober:	376ste Infanterie Divisie (samengesteld uit 16de Luftwaffe Feld Divisie)

Over:		719de Infanterie Divisie 
		16de Luftwaffe Feld Devisie
		Infanterie E-Divisie
		Bataljon Georgiërs
	
Onder het commando van Generaal Veldmaarschalk Rommel vielen de legergroepen (Legergroep B) 7de en 15de leger en 
het LXXXVIII legerkorps in Nederland. Eind 1944 wordt legerkorps LXXXVIII opgenomen in een nieuw gevormde legergroep H, 
die direct onder het commando van Generaal veldmaarschalk Van Runstedt. 
Vanaf dat moment had Runstedt die groepen onder zijn commando, namelijk legergroep H, B en G.

In Nederland waren op dat moment de volgende Duitse troepen gelegerd:
	347ste Infanterie Divisie				
	16de Luftwaffe Feld Divisie			
	KVA des Befehlshabers der Waffen SS	
	719de Infanterie Divisie				
	Generaal Kommando				

Verdeling van divisiegroepen aan de kust van Nederland. Op de kaart zijn tevens diverse linies aangegeven zoals: Neue Landfront, Vordere- Hintere Wasserstellung, IJsselstellung of Pantherstellung en de Seelöwe Stellungen in Groningen.

Bron: Overzicht Duitse troepen in Noord Holland
Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag,
Verdedigingswerken 1946-1978, toegang 407, inv.nr…
Map 92 ‘Overzicht Duitse troepen in Noord Holland’




Heemskerk in de periode 1940-1945

In het eerste jaar van de oorlog was er nog weinig merkbaar in het duingebied voor de inwoners van Heemskerk. Het was geen probleem om de duinen en het strand te bezoeken. Het feit dat het westfront nu ineens ‘Neue Westwall’ ging heten kon men weinig schelen. Maar vanaf mei 1942 gingen er dingen veranderen. Het strand en een groot gedeelte van het duingebied waren ineens niet meer toegankelijk. In de herfst van 1942 krijgen de Duitsers opdracht om met eenvoudige middelen een soort van verdedigingsring aan te leggen, bestaande uit een Zee- en Landfront. Rondom IJmuiden en Castricum wordt een Landfront aangelegd. Maar voor Heemskerk gold dat gelukkig niet. Heemskerk viel dan ook onder de Freie Küste verdediging, wat inhield dat de kustverdediging ter plaatse niet tot een Stützpunkt behoorde, maar wel een ‘Widerstandnester’ was. Vanaf toen was de naam van de ‘Neue Westwall’ vervangen door ‘Atlantikwall’. Vanaf augustus 1942 was Heemskerk dus bezet door het 167ste Infanterie Divisie. In de loop van de oorlog werd er niet alleen met de diverse divisies geschoven, maar ook de indeling, qua kustverdediging veranderde. Zo was Nederland aan het eind van de oorlog verdeeld in drie kustverdediginggebieden welke viel onder het commando van Wehrmacht Befehlshaber Niederland (Friesland-Schelde), Küsten Verteidigungs Abteilung Schagen (K.V.A. Schagen), Küsten Verteidigungs Abteilung Amsterdam (K.V.A. Amsterdam) en Küsten Verteidigungs Abteilung Dordrecht (K.V.A. Dordrecht). De grens van K.V.A. Schagen en K.V.A. Amsterdam lag precies op het grondgebied van Heemskerk. Dat zat namelijk zo. De grenslijn begon aan de noordkant van het Noorderduin, ongeveer in het midden van strandpaal 49 en 50. Van daaruit liep een rechte lijn het binnenland in richting Krommenie en vervolgens in de richting van Marken. Omdat Heemskerk in tweeën was gedeeld had het dus ook te maken met verschillende Divisies op haar grond gebied. Aan de noordzijde van het Noorderduin lag het 347ste Infanterie Divisie tot en met Terschelling. En aan de zuidzijde van het Noorderduin lag het 16de Luftwaffe Feld Divisie tot en met Katwijk.

Bron kaart: Onbekend



Bron: Bundesarchiev Freiburg
LXXXVIII Armeekorps
Abteilung Ia (Führungsabteilung)
RH 24-88/109
Teil A: Nr. 87-379



Bron Gesamptplan Festung IJmuiden:
Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag, Duitse verdedigingswerken
en inundaties van Nederlands grondgebied in de oorlog/ Rapporten van militaire
aard vanuit bezet Nederland aan Bureau Inlichtingen Londen, toegang 575, inv.nr. 1- 551
Map 16 'Duitse verdedigingswerken IJmuiden 1945'
1-1945 Geheime Kommandosache, Gesamtplan Festung IJmuiden (1:10.000)



Duits werk dat op Heemskerks grondgebied heeft gelegen waren:

Widerstandnester:
Binnen Freie Küste Castricum - IJmuiden:

	Unter Abschnitt Beverwijk:

	W.N. 40aH	Baupunkt
	W.N. 40H	Baupunkt 61a
	W.N. 41H	Baupunkt 61b
	W.N. 41aH	Baupunkt 128b
	W.N. 41bH	Baupunkt 128a
	W.N. 52		Baupunkt
	W.N. 53		Baupunkt
	W.N. 54		Baupunkt
	W.N. 55		Baupunkt
	W.N. 56		Baupunkt
	W.N. 57		Baupunkt
	W.N. 58		Baupunkt
Binnen Landfront Stützpunktgruppe Castricum:

	Unterabschnitt Castricum:

	W.N. 47		Baupunkt
	W.N. 50		Baupunkt
Binnen Festung IJmuiden:

	Abschnitt Festung IJmuiden:

	W.N. 61		Baupunkt 61
	W.N. 125	Baupunkt 125
	W.N. 126	Baupunkt 
	W.N. 127	Baupunkt 127
	W.N. 128	Baupunkt 128
	W.N. 129	Baupunkt 

Bron foto: Onbekend



Unterabschnitt Beverwijk viel onder een veel grotere Abschnitt, namelijk Abschnitt Bergen (2-9-1944)
Ook Unterabschnitt Castricum en Unterabschnitt Schoorl vielen onder Abschnitt Bergen.
Abschnitt Bergen liep vanaf Abschnitt Festung IJmuiden tot aan Abschnitt Festung Den Helder
Abschnitt Festung IJmuiden stond op zichzelf.




terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH


Widerstandnester 40aH (Oceaanvlak)

Bron foto: Copyright © 1945, Dienst voor luchtfotografie, Bibliotheek Wageningen


Op luchtfoto: Widerstandnester 40aH en 50


Op een onbekende kaart met vele aanduidingen van Widerstandnesters vinden we het begin van dit verhaal.

Een paar honderd meter naar het noorden vanaf het Kruisbergstrand, maar binnen de grenzen van Heemskerk en net buiten het Landfront Stützpunktgruppe Castricum, lag een Widerstandnester. W.N. 40aH. Op de luchtfoto zien we W.N. 40aH ongeveer in het midden geheel aan de linkerzijde. Veel kunnen we niet over dit Widerstandnester vertellen daar we te weinig informatie over dit Widerstandnester hebben.
Maar we hebben wel een vermoeden...
W.N. 40aH lag tussen W.N. 39bHM (Stützpunktgruppe Castricum) en W.N. 40H (Bramendal). W.N. 40aH had waarswchijnlijk ook de functie lokaal het strand van eventuele landingen te vrijwaren. Ook hier geldt dat dit Widerstandnester een verlengstuk van één der Widerstandnester was. Ik vermoed van W.N. 40H omdat deze 40aH is genoemd. Waarschijnlijk was het stuk tussen W.N. 39bHM en 40H net iets te groot om er niets aan te doen.
Het W.N. was omgeven met een ‘Flächendrahtsperre’.
Het verdedigen van het strand gebeurde dan ook voornamelijk met 'Offene Feldstellung fur M.G.' ofwel 'Open veldopstelling voor M.G.'. De toegang naar dit W.N. blijkt verhard te zijn, zo zal uit latere documentatie blijken (Hoofdstuk 4B Overig Duits werk - Wegen) Op een overzicht is te zien dat het P.W.N. na de oorlog een prijs steld op dit verharde pad en verwijderd mag worden. Het wordt aangeduid als straatweg.



Widerstandnester 40H (Bramendal)


Bron foto: Copyright © 1944, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn


Op luchtfoto: Widerstandnester 40H


‘Widerstandnester’ (W.N.) 40H en met ‘baupunkt’ 61a.
Een ‘baupunkt’ werd toegekend als er grotere werken werden gebouwd zoals verblijfs- en geschutsbunkers. De Duitsers gaven deze bunkers een nummer. (Regelbaunummer) Zo stonden er in het Bramendal drie bunkers met een Regelbaunummer. Twee ervan waren geschutsbunkers die op de eerste duinenrij stonden en het strand richting Castricum en Wijk aan Zee onder schot hielden en van het type Infanterie-gevechtsbunkers.

Richting Castricum stond bunker met ‘Regelbaunummer’ 5402 van het type 667, ‘Kleinstschartenstand (St) für 5 cm KwK’. Dit type bunker was speciaal ontworpen om er een 5 cm KwK (Kampfwagenkanone) in te kunnen plaatsen. Kenmerkend voor deze bunkers was dat het geschut titleijd een flankerend schootsveld gaven. Typerend voor de Duitse Infanterie-gevechtsbunkers was dat zij van origine niet een vestingwapen huisvestten, maar een mobiel anti-tankkanon. Door veroudering van het 5 cm tankgeschut KwK. werd een speciaal statisch statief ontworpen (Behelfssockellafette) wat het eens mobiele geschut een vaste opstelling gaf in de kustverdediging, waar men ze nog inzetbaar achtte tegen landingstoepen, licht gepantserde (amfibie)voertuigen en landingsvaartuigen. Richting Wijk aan Zee stond bunker met ‘Regelbaunummer’ 5403 van het type 680, ook een ‘Kleinstschartenstand’ (St) für 5 cm PaK (Panzerabwehrkanone) Ook deze bunker, een Infanterie-gevechtsbunker, gaf geen schootsveld rondom maar een flankerend schootsveld. De geschutsopstellingen in deze bunkers werden beschermd, bij een aanval uit zee, door middel van een vooruit stekende dikke betonnen muur welke de schietopeningen in de bunkers ook van dekking voorzag. Het grote verschil met type 667 is dat type 680 een grote achteruitgang had waardoor het mogelijk was om het geschut uit de bunker te rijden en elders in een open geschutopstelling neer te zetten. Deze bunker maakte dan ook deel uit van de zogenaamde wisselstelling. Het doel van beide bunkers, beide gebouwd in 1943, was hetzelfde, het strand vrijwaren van landingen uit zee. Aan de zeekant van de bunkers waren ook zogenaamde Tobruks aanwezig. Deze Tobruks konden voor allerlei doeleinden gebruikt worden. Maar bij deze bunkers stonden er MG’s op. (Maschinengewehr). Standaard voor het Duitse leger was de MG 38. De derde ‘Regelbaunummer’ die er in het Bramendal is gebouwd is nummer 4083. Een bunker van het type Vf1a. (Verstärkt Feldmäßig) Dit type bunker bood onderdak aan 6 man. Regelbaunummer 4083 bestond uit een nacht en een dagverblijf. Het dagverblijf was aan het nachtverblijf (bunker) vast gebouwd. In het dagverblijf waren dan ook 2 ramen gesitueerd om daglicht binnen te laten. Tevens kon hier een kachel in worden geplaatst. Het verschil met het nachtverblijf of schuilbunker, is dat het dak en muren ander halve meter dik waren en van het dagverblijf het dak een halve meter dik is en de muren van metselwerk zijn.

Om het strand tussen de twee flankgeschutbunkers in de gaten te kunnen houden werd er bovenop de duinenrij een observatiepost met MG opstelling gebouwd. Dit bouwwerk bestond hoofdzakelijk uit metselwerk. Bij deze observatiepost was ook nog een soort van wachtruimte aanwezig. Samen met de twee MG’s van de flankgeschutbunkers kon het Heemskerkse strand goed overzien worden.

     


De observatiepost was dan ook ongeveer in het midden tussen de twee flankgeschutbunkers gelegen. In de buurt van de uitkijkpost stond op het ‘plein’ achter de eerste duinenrij een bunker. Maar wat de precieze functie hiervan was, is niet te achterhalen. Verder herbergde W.N. 40H nog een Latrinegebouw en 4 stuks schuilplaatsen welke deels onder het zand lagen voor camouflage. Tevens waren er twee openbeddingen gelegen in de nabije omgeving van de twee flankgeschutbunkers. De bedding achter type 667 was bedoelt voor een zoeklicht. Met behulp van een hellingbaan werd het zoeklicht bovenop het duin in de bedding gereden. Als het zoeklicht niet gebruikt werd stond het gecamoufleerd in een houten schuilplaats beneden aan de helling. Aan de bedding was ook weer een wacht- of schuilruimte aanwezig. De andere bedding was bedoeld om het PaK 5 cm geschut uit de bunker een open opstelling te kunnen geven zodat een schootveld 180 graden werd. Op een kaart welke de schootsvelden aangeeft van Widerstandnester 40H en 41H zien we duidelijk de twee schootsvelden van de flankgeschutbunkers van W.N. 40H. Ook zien we dat er een 5 cm kanon duinwaarts is gericht.

Zoals eerder verteld moest een W.N. zowel een Zeefront en een Landfront hebben. Rondom moest hij beschermd zijn. Het zeefront is inmiddels beschreven, maar hoe zit het dan met het Landfront. Had W.N. 40H wel een landfront?



Widerstandnester 52 (Kruisberg) 53 (Spaarpot)

Bron foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn


Op luchtfoto: Widerstandnester 52 - 53

     


Job Baltus, wonende aan de Noorddorperweg, weet het nog goed, vroeg in de avond, rond kwart over zes half zeven op de 16de december 1943 verlichtte opeens een fel paarsblauw gekleurde vuurbal de hemel gevolgd door een enorme dreun. Het was in de hele IJmond te horen en te zien. Er bleek een vliegend fort te zijn ontploft in de lucht boven de Kruisberg. Korte tijd werd gedacht dat het vliegtuig door Duits afweergeschut was geraakt, maar uiteindelijk kwam men tot de conclusie dat het ging om een technisch mankement. Alle zeven inzittenden kwamen om bij deze explosie. Het paarsblauwe licht werd veroorzaakt door de ontploffende fosforbommen in het vliegtuig. Het geluid was overweldigend en het licht onvergetelijk… Dat de bommen in het vliegtuig ontploften kwam doordat het vliegtuig nog vol met kerosine zat, welke vlam had gevat. De slachtoffers van dit vliegtuigongeluk zijn begraven op het kerkhof van de Nederlands Hervormde Kerk en worden elk jaar op de Nationale dodenherdenking herdacht. Een paar dagen na de ontploffing gingen Job en Piet Btitleus (Pietje Zak) samen de duinen in en vonden ter hoogte van ‘Grote Vlak’ een stoel, afkomstig uit het vliegtuig. Er werden meer onderdelen van het ontplofte vliegtuig gevonden in het duingebied rondom de Kruisberg. Zo weet Jan van Lieshout te vertellen dat hij een keer op een Zondagmiddag in die tijd nabij de ‘Kunstbunkers’ aan de Achterweg het staartwiel van het vliegtuig had gevonden. Kennelijk had Jan een onderzoekende geest want door een ongelukje haalde hij een pijp van zijn Zondagse broek open van onder tot boven aan een scherp onderdeeltje. Hoe moest hij dat nu weer thuis uitleggen… Rondom de Kruisberg lagen volgens Jan van Lieshout een aantal ingegraven houten barakken, welke bestonden uit boomstammen, waar de soldaten hun onderkomen hadden. Maar ook waar auto’s konden worden gestald. Henk Duin had, met risico voor eigen leven, wat hout gestolen onder de neus van de Duitsers. Meestal ging dit goed, maar enkele keren is er ook op hem geschoten. Ben van Dijk van de Noorddorperweg verteld dat er tussen de 10.000 en 15.000 man tussen Bakkum en Zandvoort waren gelegerd. En dat Von Rundstedt en Rommel de Kruisberg boerderij hebben bezocht tussen 1943-1945. Ze zouden daar zelfs overnacht hebben. Tevens heeft de Kruisberg boerderij gefungeerd als bioscoop.




Bron foto's: Historische Kring Heemskerk

Duitse soldaat maakt foto van aangeschoten Lancaster 16-17 mei 1943



Duitse soldaat maakt foto van neergestorte Lancaster 16-17 mei 1943 nabij strandpaal 48

     


Op 16 december 1943 vlogen weer vele eskaders bommenwerpers vanaf vliegveld New Market in England, zo’n 75 kilometer ten noorden van Londen, over Kennemerland naar Duitsland om in het Ruhrgebied hun bommen te laten vallen. Het was die 16de december bewolkt en aardedonker. Er waren geen Duitse jagers in de lucht. Zoeklichten en luchtafweer lieten het ook afweten. Dan om kwart over 6 hoorde men in Heemskerk een hevige knal en verlichtte een rode gloed de hemel. De Lancaster DS835 was met haar hele bommenlast op een hoogte van vijf kilometer uit elkaar gespat. Het regende scherven en brokstukken. De bemanning had geen schijn van kans en kwam in de buurt van de Kruisberg neer. Ook werden er in dat deel van het duin de meeste brokstukken gevonden. Een van de motoren was in Wijk aan Zee terecht gekomen. Trots vertelde de Duitsers dat het vliegtuig was ‘abgeschossen’. Maar boswachter Atitle Bruinekool, die voor het raam stond te kijken, wist zeker dat er van Duitse zijde niet was geschoten. Andere ooggetuigen verklaarde later dat het vliegtuig al achterop was geraakt op zijn eskader. Wat was dan de oorzaak van het neerstorten van het vliegtuig? Algemeen wordt aangenomen dat het vliegtuig door een technisch mankement is verongelukt. Later bleek dat het vliegtuig nog maar 4 vlieguren op zijn naam had staan. In eerste instantie werden er maar vijf lichamen gevonden. De Duitsers wisten echter dat vliegtuigen van dat type 7 bemanningsleden aan boord hadden. Daarom werd de woning van familie Bruinekool overhoop gehaald om de twee vermisten te zoeken. De volgende dag, toen het de Duitsers duidelijk werd dat er geen overlevenden meer waren, moesten Bruinekool en marechaussee Kees de Meester met een Duitse patrouille mee om de andere twee bemanningsleden te zoeken. Die werden spoedig gevonden. Bij het zien van de omgekomen piloten salueerden Bruinekool en De Meester. Dat werd door de Duitsers zeer kwalijk genomen. Op boze toon begonnen zij te vertellen dat de piloten bommen op hun vrouwen en kinderen gooiden. Op 20 december werden de bemanningsleden op de Algemene begraafplaats bij de Nederlands Hervormde Kerk begraven. De gemeentewerkman Engel Bloedjes verzorgde de begrafenis. De bezetters stonden toe dat eenvoudige houten kruizen waarop de namen van de overledenen stonden vermeld, mochten worden geplaatst. (Citaat HKH boek ‘Een stevige pleister op mijn neus’ blz. 28-30)

Bron foto's: Historische Kring Heemskerk

December 1943: Resten van verongelukte Engelse Lancaster die op weg was naar bombardement in Duitsland

     

Links op de linker foto staat jachtopziener Van Amersfoort te kijken naar een van de motoren van het verongelukte toestel. Op de rechter foto hurkt Van Amersfoort bij de brokstukken.

Bron foto's: Gemeente Heemskerk

01-01-1943
De zeven Engelse bemanningsleden van de Lancaster bommenwerper DS 835 die op 16 december 1943 boven het duingebied van Heemskerk zijn neergeschoten
Staand v.l.n.r.: J.I.F. Lewis, D. Grant, J. Ward en A.G.R. Cowdry. Zittend v.l.n.r.: H. Seatter, N.T. Newt



15-12-1943
De zeven Engelse bemanningsleden van de Lancaster die op 16 december 1943 boven het duingebied van Heemskerk zijn neergeschoten
V.l.n.r.: A.G.R. Cowdrey, 22 jaar, H. Seatter, 28 jaar, J. Ward (werd vervangen door R. Hawkins, 19 jaar), N.T. Newton, 23 jaar



Bron foto: Historische Kring Heemskerk


Bezoek aan de duinen in 1944
v.l.n.r.:
Duits officier; onbekend
dhr. v.d. Meent, Rentmeester uit Heemskerk;
Baron Van Tuyll van Serooskerken;
Bernard van Doorn, particulier chauffeur van de baron



Wrakstukken van de neergeschoten Lancaster in de Heemskerkse duinen op 16 december 1943
Bezoek door de heer Bruinekool, W.v. Doorn, en de heer Rabenort in 1949




Het vermoeden dat De Kruisberg en de locatie aan de Kaagweg een Widerstandnester blijkt te zijn, komt op het eind van het onderzoek. Op een Duitse kaart uit 1944 waarop ook de Neue Landfront staat afgebeeld, staan alle Widerstandnester gelegen in de duinen, ingetekend. Zo ook rond De Kruisberg en aan de locatie aan de Kaagweg. De Kruisberg was Widerstandnester 52 en de locatie aan de Kaagweg was Widerstandnester 53.

Widerstandnester 41H (Noorderduin)


Bron foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn


Op luchtfoto: Widerstandnester 41H, 41bH, 129-128-127-126-125, 58


Bron foto: Nederlands Instituut voor Militaire Historie

Op 'Gesamptplan Festung IJmuiden' staan de verschillende Widerstandnerster ingetekend. Uit deze geheime Duitse kaart heb ik vervolgens een aantal detail plaatsjes gemaakt passende bij de beschreven Widerstandnester.



Bron: Onbekend



W.N. 41H was onder dezelfde omstandigheden gebouwd als W.N. 40H. Dit hield in dat het om een klein verdedigingsgebied ging. Net zoals bij W.N. 40H, werd het zeefront gevormd door een tweetal flakgeschutbunkers. Deze bunkers, waren van het zelfde type, kregen ook regelbaunummers. Het noordwaarts gerichte geschut had regelbaunummer 5404 en was van het type 667, met als bewapening een 5 cm KwK. Het zuidelijk gerichte geschut had regelbaunummer 5405 en was van het type 680. Hierin stond een 5 cm PaK, welke ook in een open bedding geplaatst kon worden. Om de zee en strand in de gaten te houden, stond er bovenop het duin een uitkijkpost. Dit betonnen torentje lijkt nog het meest op het torentje dat bij Wijk aan Zee boven op het duin staat. Het landfront werd gevormd door een overdekte kanonopstelling welke ook weer in een open bedding te plaatsen was. In deze bunkers stond een 7,62 cm geschut. Dit kanon kon het halve Heemskerkse duin bestrijken wanneer dit nodig bleek te zijn. Op ‘Feuerplan Festung IJmuiden’ van W.N. 40H en W.N. 41H vtitle op dat tussen W.N. 40H en W.N. 41H nog een stuk geschut is opgesteld. Deze had als doel om het ‘zwarte gat’ tussen beide Widerstandnester te verdedigen. Dit met groen aangegeven schootsveld had een kaliber van 4,7 cm van was gericht richting Wijk aan Zee.

Bron: Bundesarchiev Freiburg
LXXXVIII Armeekorps
Abteilung onbekend (Führungsabteilung)




Op de kaart ‘Fragment Gesamtplan Festung IJmuiden’ zijn er verschillende symbolen te zien in deze W.N.
Achter in het boek, bijlage II staan de symbolen uitgewerkt met de Duitse betekenis.
In W.N. 41H had de Duitse Wehrmacht verschillende verdedigingswerken aangelegd.
Met de lijst van symbolen bij de hand kan er worden nagegaan wat er zoal heeft gestaan:

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

	-	1	KwK 	Schartenstand			Flankgeschutbunker voor KwK
	-	1	PaK 	Schartenstand			Flankgeschutbunker voor PaK
	-	1	Geschutz (richting duin)		Geschutopstelling
	-	4	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G.
	-	4	Unterstand fur Trinkwasser		Drinkwater gebouw
	-	1	Unterstand fur Munition		Munitie gebouw
	-	1	Unterstand fur Nachrichtenmittel	Communicatie gebouw	
	-	10	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken
In W.N. 41H waren in totaal 23 werken aangelegd, variërend van onderkomens voor diverse doeleinden tot eenvoudige putjes met walletjes waarachter soldaten met een machinegeweer lagen. Twee stellingen waren Westwaarts gericht en twee waren Oostwaarts gericht. Het W.N. was rondom afgeschermd met een ‘Flächendrahtsperre’, prikkeldraadversperring. Het gebied binnen deze prikkeldraadversperring werd ook wel ‘Flandern Zaun’ genoemd.



W.N. 41H, ofwel het Noorderduin heeft de twijfelachtige eer gehad om Veldmaarschalk Erwin Rommel te mogen ontvangen, al was het maar voor 5 minuten. Het bezoek aan W.N. 41H was onderdeel van een bezoek aan het gehele gebied dat onder K.V.A. Schagen viel. Op vrijdag 24 maart 1944 brengt Veldmaarschalk Rommel samen met zijn delegatie een bezoek aan Festungbereiche Den Helder en diverse Stutspunkten. Om 8:00 uur in de morgen begon het bezoek aan Den Helder, diverse batterijen en werken werden hier bezichtigd. Pas aan het eind van de ochtend wordt er doorgereden naar het zuiden en wordt onder andere Callantsoog, Petten, Camperduin en Bergen bezocht. Na de lunch werden vervolgens Egmond en Castricum bezocht. Aan het eind van de middag werd als laatste om 16:15 W.N. 41 voor 5 minuten bezocht. Men was hiermee aan de zuidelijke grens van K.V.A. gekomen. Rommel overnachtte in Hilversum. De volgende dag wordt K.V.A. Amsterdam bezocht.



Widerstandnester 41bH (De Rellen noord)

W.N. 41bH lag tussen W.N. 41 H en W.N. 61, welke deel uit maakte van Festung IJmuiden. W.N. 41bH was op zich niet zo’n heel groot verdedigingsgebied. W.N. 41bH had als functie het strand van eventuele landingen te vrijwaren. Deze post was als het waren een verlengstuk van W.N. 61. W.N. 41bH was ook omgeven met een ‘Flächendrahtsperre’. Op het fragment van ‘Gesamptplan Festung IJmuiden’ zijn er de volgende werken te zien:

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

	-	6	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	1	Unterstand fur Munition		Munitie gebouw
	-	4	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken
Van de vier niet gedefinieerde werken zijn waarschijnlijk twee werken welke diende als schuilnis bij slecht weer, zoals die ook in de duinenrij van W.N. 40H zijn aangetroffen. Deze schuilnissen stonden vlak achter de open M.G. opstellingen. Verder zien we een aantal smalle mijnenvelden (rechthoekjes met puntjes erin), dit waren Schutzenminenfeld. Het verschil met de Panzerminenfeld was dat de Schutzenminenfeld en minder krachtig explosief was dan de Pantzerminenfeld.

terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58


Widerstandnester 54 (Ligustervlak)

Wanneer de Duitse kaart uit 1944 erbij wordt gepakt, dan is er een opmerkelijk feit te zien. Namelijk dat aan de overzijde van het water, dus noordelijk ten opzichte van Widerstandnester 55, daar ook een Widerstandnester heeft gelegen. Widerstandnester 54, om precies te zijn. Echter op Gesamptplan Festung IJmuiden is geen enkel spoor van deze Widerstandnester te vinden, net zoals Widerstandnester 52 en 53. Dit zou kunnen liggen aan het feit dat Widerstandnester 54 net buiten Festung IJmuiden viel, maar op de detailtekening zijn daar wel mijnenvelden ingetekend. Wellicht behoorde deze Widerstandnester tot andere divisies van het Duitse leger die niet onder het commando van Festung IJmuiden vielen, maar wel onder het commando van K.V.A. Schagen. Het blijft nog de vraag of Widerstandnester 54 werkelijk heeft bestaan, of dat het alleen op papier is getekend. Want de tekening waarop Widerstandnester 54 is aangegeven komt uit 1944 en Gesamptplan Festung IJmuiden komt uit 1945. Je bent geneigd te denken dat deze dus nooit is aangelegd.


Widerstandnester 55 (Ligustervlak)

Widerstandnester 58 lag in de noordoosthoek van het oude drinkwaterwingebied. W.N. 55 lag op een hoge duintop, zodat vanaf deze locatie het omliggende duingebied in de gaten gehouden kon worden. Net als voorgaande besproken W.N. was en zijn alle volgende W.N. ook omgeven met een ‘Flächendrahtsperre’. Schutzenminenfeld lagen vooral aan de oostzijde van deze Widerstandnester.

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

	-	7	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	3	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

Widerstandnester 56-57 (Bassinvlak noord en zuid)

W.N. 56 bestond uit een 4 tal ‘Offene Feldstellung fur M.G.’. Deze open M.G. opstellingen lagen in een kring, met daarbinnen een 4 tal onbekende werken. Net zoals W.N. 55 lag W.N. 56 ook op en hoger gelegen gedeelte in dit duingebied, zodat een uitzicht werd verkregen over de directe omgeving. W.N. 57 lag aan de overzijde van de weg. Ook deze W.N. was hoger gelegen, met dezelfde reden als de andere W.N. Dit W.N. herbergde 7 open M.G. opstellingen, naast drie onbekende werken. Echter de twee werken tussen de M.G. opstellingen is (kleine vierkantjes) zijn waarschijnlijk weer van die schuilnissen of personeelsonderkomen. Ook ten oosten van deze Widerstandnester lagen Schutzenminenfeld. De grote van deze mijnenvelden was afhankelijk van de ruimte. Zo liggen er in de zeewering en net buiten de noordrand van Festung IJmuiden lange smalle velden terwijl rondom het waterwingebied grote vlakken van verschillende afmetingen liggen.

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

		W.N. 56

	-	4	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	4	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

		W.N. 57

	-	7	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	3	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

Widerstandnester 58 (Russenduin)

Qua oppervlak was Widerstandnester 58 wel de grootste in omvang van alle W.N. in het drinkwaterwingebied. Hoewel het een groot oppervlak had, stond er relatief weinig. Op fragment ‘Gesamtplan Festung IJmuiden’ is te zien dat W.N. 58 geheel werd omringd door andere Widerstandnester, maar ook weer afzonderlijk was omgeven met een prikkeldraadversperring. Vandaar dat deze W.N. ook niet zo’n zware verdedigingsring nodig had. W.N. 58 kon het af met 4 open M.G. opstellingen en een tobruk voor M.G. De bescherming van Widerstandnester rondom het waterwingebied door mijnenvelden, bestond in feite uit twee ringen. De buitenring bestond uit en aantal velden met Pantzerminen met daarbinnen een ring van vele velden met Schutzenminen. Het waterwingebied met al zijn Widerstandnester en mijnenvelden lag naast de noordzijde van Festung IJmuiden. Er kan geconcludeerd worden dat het waterwingebied van dien aard belangrijk was om het te beschermen tegen vijandige aanvallen, maar net niet belangrijk genoeg om het binnen de muren van Festung IJmuiden te trekken.

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

	-	4	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G.
	-	1	Ringstand fur M.G. 			Tobruk voor M.G. 
	-	2	Unterstand fur Trinkwasser		Drinkwater gebouw
	-	1	Unterstand fur Munition		Munitie gebouw
	-	6	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129


Widerstandnester 61 (De Rellen west)

W.N. 61 lag ingesloten tussen W.N. 41H (Noorderduin) en W.N. 62 welke lag op het grondgebied van Wijk aan Zee (Beverwijk). Naast de zware mitrailleuropstellingen waren er ook nog andere verdedigingstechnieken aangebracht in deze Widerstandnester. Op de tekening staan namelijk een aantal Y’s. Deze Y’s stonden voor Abwehrflammenwerfer. Dit waren vlammenwerpers welke op afstand te bedienen waren. Widerstandnester 61 lag in de zeereep en hier lagen dan ook lange smalle Schutzenminenfelden.

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

	-	2	Ringstand fur M.G. 			Tobruk voor M.G. 
	-	1	Unterstand fur Verpflegung		Verpleeg gebouw
	-		Door de matige kwaliteit van de tekening is moeilijk te achterhalen wat er zich verder binnen deze W.N. bevond.

Widerstandnester 125-126 (Doolhof)

Net zoals W.N. 61 maakte W.N. 125 en 126 deel uit van de verdediging rond om IJmuiden. Zoals al een paar keer eerder verteld lag de noordzijde van Festung IJmuiden op Heemskerks grondgebied, en viel onder het commando van K.V.A. Amsterdam. De Noordzijde van de Festung IJmuiden werd beschermd door een veelheid aan bunkers, onderkomens voor diverse doeleinden en tobruks. Ook heeft hier een 2 tal luchtafweergeschut gestaan. Lange smalle Schutzenminenfelden vormden de grens tussen Festung IJmuiden en het waterwingebied. Op de tekening ligt er pal noordelijk een Hemmkurvensperre. Deze versperring was kunstmatig opgeworpen om de doorgang van pantservoertuigen te bemoeilijken.

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

		W.N. 125

	-	4	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	1	Panzerdrehterm m. KwK und M.G. 	Pantserkoepel voor KwK of M.G
	-	1	Unterstand fur Verpflegung 		Verpleeg gebouw
	-	1	Unterstand fur Aggregate Machinen	Aggregaat gebouw
	-	3	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

		W.N. 126

	-	3	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	1	Panzerdrehterm m. KwK und M.G. 	Pantserkoepel voor KwK of M.G
	-	1	Unterstand fur Verpflegung 		Verpleeg gebouw
	-	1	Unterstand fur Trinkwasser		Drinkwater gebouw
	-	5	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

Widerstandnester 125-126 (Doolhof)

Zoals eerder al geschreven bezocht Veldmaarschalk Rommel ook K.V.A. Amsterdam. Festung IJmuiden viel onder K.V.A. Amsterdam. Zodoende heeft Heemskerk nogmaals de ‘eer’ gehad om Rommel te mogen ontvangen op haar grondgebied. Om 8:00 in de morgen vertrekt Rommel met zijn gevolg richting Festung IJmuiden waar onderweg onder andere de verdedigingswerken en inundaties deels rondom Amsterdam worden bekeken. Van 10:30 tot 10:45 wordt W.N. 126 bezocht. Rommel bekijkt hier de omvangrijke mijnvelden. Hierna vervolgt Rommel zijn bezoek aan K.V.A. Amsterdam naar het hoofdkwartier M.A.A. 201 gelegen in Wijk aan Zee.


Widerstandnester 127 – 128 - 129 (De Rellen zuid)

Met Widerstandnester 61, 125 en 126 vormden Widerstandnester 127, 128 en 129 de Noordzijde van Festung IJmuiden. Deze aaneen gesloten Widerstandnester. Ook op deze tekening staat een stukje Hemmkurvensperre getekend.

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag
Detail foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn

                         
     

		W.N. 127

	-	2	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	1	Unterstand fur Verpflegung 		Verpleeg gebouw
	-	5	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

		W.N. 128

	-	3	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	5	Panzerdrehterm m. KwK und M.G. 	Pantserkoepel voor KwK of M.G
	-	1	Unterstand fur Trinkwasser		Onderkomen voor drinkwater
	-	1	Unterstand fur Munition		Munitie gebouw
	-	6	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

		W.N. 129

	-	3	Offene Feldstellung fur M.G. 		Open veldopstelling voor M.G. 
	-	2	Ringstand fur Geschutz			Opstelling luchtafweergeschut
	-	1	Unterstand fur Trinkwasser		Onderkomen voor drinkwater
	-	3	Unterstand fur Munition		Munitie gebouw
	-	6	Unterstand fur …			Niet gedefinieerde werken

terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

Lunetten / Noordermaatweg


Lunetten

Ten tijde van de oorlog telde Heemskerk iets meer van 5000 inwoners. Het grootste deel van de gemeente waren dan ook tuinderijen. Een vlak en overzichtelijk geheel. Nu lagen er aan de zuidkant van Heemskerk een aantal Lunetten, overblijfselen uit de Franse tijd. Ten tijde van de Tweede Wereldoorlog werden zij opnieuw gebruikt door de bezetter. Van de 14 Lunetten maakte de Duitsers heel handig gebruik, door op elke Lunet nog extra verdediging te bouwen in de vorm van mitrailleursnesten. Deze mitrailleurnesten, opgemetseld met tufsteen, bestonden uit een nest, welke 1,50 diep was, met daaraan ca. 6 meter gang in zigzagvorm, welke naar achterzijde van de Lunet leidde. Op de Lunet waren de mitrailleurnesten als volgt verdeeld, een op de linkerflank en een op de rechterflank met in het midden een KWK (Kampfwagenkanon) met kaliber 5 cm. Het kanon stond in een half cirkelvormige bedding met een doorsnede van 2 meter, welke was opgetrokken uit hout en ongeveer 50 cm hoog was en afliep naar de achterzijde van de Lunet. Op 2 van de 14 Lunetten waren zelfs drie mitrailleurnesten gebouwd, te weten Lunet 14 en 8. Lunet 8 lag aan de Maerten van Heemskerckstraat De Lunetten vormde zo een extra verdediginglijn om Festung IJmuiden te verdedigingen vanaf de noordzijde.

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag

                         



Noordermaatweg

Bron foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn


Op luchtfoto: Noordermaatweg en noordelijk de Korendijk


De eerste jaren van de oorlog waren rustig in het poldergebied tussen Heemskerk en Castricum. Het zwembad aan de ‘Knip’ werd regelmatig bezocht door de jeugd van Heemskerk. Hoewel er Duitse soldaten in de Mariaschool zaten en de jongens ’s morgens en de meisjes ‘s middags naar St. Josephschool moesten, was het tot 1942 relatief rustig gesteld in Heemskerk. Zelfs de duinen en het strand mochten nog bezocht worden. Daar kwam verandering in toen de dreiging van luchtaanvallen van de geallieerden steeds meer toenam. Het kustgebied werd tot verboden gebied verklaard (1 mei 1942) en ook in de polder werden er activiteiten ontplooid. Met de dreiging van luchtaanvallen moesten de vliegtuigen ook in de nacht gezien kunnen worden. Nu stonden er om Festung IJmuiden drie grote luchtafweeropstellingen met elk 4 stukken luchtafweergeschut van 10,5 cm, te weten batterie Olmen (IJmuiden), batterie Meerweide (achter station Beverwijk), batterie Creutzberg (naast Beverwijkse begraafplaats) en als laatste stonden er nog twee stuks luchtafweergeschut op een hoge duin achter Heliomare aan de rand van Festung IJmuiden.

Deze opstellingen hadden als functie om eventuele luchtaanvallen af te weren. Echter omdat de concentratie luchtafweer rond het sluizencomplex zo hoog was, vlogen de geallieerden bommenwerpers bij Castricum het land binnen om zo richting Duitsland te vliegen. Hierop hadden de Duitsers als antwoord om in een grote cirkel, ca. 10 tot 12 km afstand vanaf het commandocentrum dat nabij de Noordpier was gevestigd in de vorm van een Ugruko (Untergruppe Kommando) een tweede luchtverdedigingsgordel om IJmuiden te bouwen, in de vorm van een zoeklichtopstelling met bijbehorende stukken luchtafweergeschut. In de herfst van 1942 wordt dan ook een begin gemaakt met de bouw van dit bunkercomplex aan de Noordermaatweg. Ook werden zulke complexen in de zeereep van Castricum ( Zuidernollen) en in de Wijkermeerpolder nabij Fort Zuidwijkermeer gebouwd. Fort Veldhuis maakte samen met Fort Benoorden Spaarndam deel uit van deze tweede verdedigingsgordel om IJmuiden. Verder stond er in de duinen tussen IJmuiden en Zandvoort ook een zelfde opstelling met zoeklicht en luchtafweergeschut. Zo lagen er in een grote cirkel om IJmuiden een 6-tal opstellingen met zoeklicht en luchtafweergeschut. Onder welk commando de soldaten aan de Noordermaatweg vielen weet ik niet. Mogelijk onder de Untergruppe kommando nabij de noordpier omdat van hieruit de bevelen werden gecoördineerd, maar mogelijk vielen zij ook onder het plaatselijk commando, in de vorm van een Orts-commandant. In de wijde omtrek van IJmuiden stonden dus zoeklichtopstellingen. Zo kon men al met al de lucht dan ook behoorlijk afspeuren naar vijandelijke vliegtuigen. Wanneer ze eenmaal in de lichtbundels gevangen waren, dan kwam het luchtafweer geschut rondom IJmuiden in actie. Willem van Rixel die toentertijd nog in Velsen woonde, weet te vertellen dat als deze geschutsopstellingen begonnen te knallen, alle ramen in de IJmond trilden. Wat maakte die krengen een herrie. Ook het geschut achter het station van Beverwijk was in de wijde omtrek hoorbaar. Maar even terug naar de Noordermaatweg. Zoals gezegd werd er aan de Noordermaatweg een zoeklichtopstelling gebouwd. Dit complex bestond uit een 6 tal bouwwerken, variërend van keuken tot opstelling voor het zoeklicht en manschappenverblijven. Uit achterhaalde documentatie is niet te herleiden of deze locatie ook een Widerstandnest was, en zo ja, welk nummer het dan had. Ook wordt niet duidelijk of dit complex onder Stutspunkt Castricum viel, of dat het echt een ‘stand alone’ was.

Enfin, in die tijd woonde in boerderij Pauline’s hoeve bij Henk Hendrikse, neef Jaap Hendrikse. Jaap weet te vertellen dat de bunkers werden gebouwd door Amsterdammers, aangetrokken door de aannemer. Deze werknemers kwamen ’s morgens met de trein en ’s avonds gingen zij weer naar huis. Jaap was toen 11 en liep tussen de bouwvakkers te struinen. Hij was een poosje bij oom Henk op de boerderij ondergebracht. Achter de boerderij van Hendrikse, zo verteld Jaap, stond ook een bunker, alleen deze was gecamoufleerd met een puntdak, zodat het uit de lucht net een boerderij leek. Het was dan verder ook niet afgedekt met zand. Tijdens de bouw van deze bunker heeft Jaap kunnen zien dat alleen het dak met wapening werd gemaakt en de wanden niet. Het dak was dan ook 1,5 meter dik. De wanden bestonden uit twee rijen metselwerk met daar tussen zand met grind. Deze muren waren dan ook 74 centimeter dik. In de bunker waren drie kleinere ruimtes en een grote, wat als garage heeft gediend. In de bunker zaten houten deuren, maar alleen voor de ingang naar de garage werd een groot camouflage doek gehangen. Om direct geweervuur tegen te houden, werden er muren opgetrokken bij elke raamkozijn of elke in- en uitgang, behalve voor de inrit naar de garage dan. Deze beschermmuren waren breder dan de te beschermen openingen en waren 2 meter 15 hoog. Job Btitleus, wonende aan de Noorddorperweg, weet nog heel goed dat in het ‘Bosje van Wentink’ een bakkerijtje had gestaan. Dit kleine gebouwtje met het gemetselde ronde dak dat voor de helft onder de grond stak, was toegankelijk met een trap van negen treden en had een binnenruimte van 6 bij 2 meter. Het ronde dak was geheel afgedekt met grond. Job verteld dat er in het bakkerijtje annex keukentje een houten aanrechtblad zat en dat er in het midden van de vloer een schrobputje was aangebracht. Boven de grond staken twee schoorsteentjes uit welke op beide kanten van het gebouwtje waren gemetseld.

Aan de overzijde van de Noordermaatweg, op het land van Piet Btitleus stond de eigenlijke zoeklichtopstelling. Bestaande uit een manschappenverblijf met daarbovenop een dek voor het zoeklicht. Een hellingbaan, een remise waar het zoeklicht stond geparkeerd en aan de achterzijde hiervan, ook weer een manschappenverblijf. Als het luchtalarm dan klonk, werd het zoeklicht middels een lier, welke in een nis achter het dek stond, via de hellingbaan omhoog gereden en vanuit die positie werd de hemel afgespeurd. Het zoeklicht stond dan opgesteld in een groot achtkant met een doorsnede van 8 meter. De nis waar de lier zich bevond was overdekt. Het meeste gebruikte type zoeklicht was 200 cm - Scheinwerfer 40. Achterop het wagentje van het zoeklicht stond ook een aggregaat welke voor stroom voor de lamp zorgde. Onder de eigenlijke opstelling was de woonruimte voor de manschappen. Deze bestond uit drie ruimte met een totale vloeroppervlakte van 52,4 m2. De hellingbaan had ongeveer een lengte van ongeveer 17 meter en liep schuin omhoog vanuit de remise. De hellingbaan had opstaande randen zodat de wagen waarop het zoeklicht stond, er niet vanaf kon raken tijdens het omhoog- en omlaag rijden ervan en om het gemakkelijker te maken, liep deze wagen over een rails.

     



Achter remise stond ook weer een manschappenverblijf, met daarboven op een 8 kant voor een FlaK luchtafweergeschut (Fliegerabwehrkanone) van 20 mm. Nu waren twee type FlaK’s. Eén type 30, een enkelloops geschut (FlaK 30) en een type 38, een vierloops geschut, ook wel vierling genoemd. (FlaK v 38) Deze kanonnen waren lichte, snel vurende en vrij efficiënte wapens tegen vliegtuigen, vooral bij lage hoogte. Zij werden ingezet voor bescherming van spoorwegen, bruggen, steden en belangrijke kruispunten, en gaven de Duitsers een zekere bescherming. Ook bij kustlijnen werden de FlaK luchtafweergeschut opgesteld zodat het laag overvliegen van langzame bommenwerpers vrij riskant werd. Het afweergeschut aan de Noordermaatweg bestond uit een 20 mm FlaK 30, en de personele bezetting kwam op ongeveer 6 man. De ruimte onder het luchtafweergeschut had een doorsnede van 3 meter 60. In de zijkant van deze ruimte was een kleine overdekte nis waar de soldaten konden schuilen tijdens vijandelijk vuur. Deze ruimte meette 1 meter 80 bij 1 meter 40. De ruimte voor de manschappen had een vloeroppervlakte van 5 meter 50 bij 3 meter 60. Tegen deze bunkers lag zand gestort tot een hoogte van ongeveer 3 meter. Mooi schoon duinzand moest het doen lijken alsof er heuvels midden in het landschap lagen. Op die zelfde hoogte van ongeveer 3 meter, staken allemaal ogen uit de muren vandaan. Dit had als doel om er camouflagenetten aan te kunnen bevestigen en te spannen. Deze netten bestonden uit een soort van grof kippengaas met daarin heide gevlochten.

Bij luchtalarm werd dan ook dat deel camouflagenet opgerold om het zoeklicht en luchtafweergeschut vrije ruimte te geven. De vraag is nu natuurlijk hoeveel manschappen op dit complex hebben gewoond. Gezien de vele woonruimtes waar mogelijk stapelbedden in hebben gestaan, schat ik het aantal personen op ongeveer 26 man inclusief officieren. Onder deze manschappen zaten ook Polen, zo weet Job te vertellen. De Noordermaatweg, toentertijd niet meer dan een puin of zandpad, werd richting het dorp Heemskerk, afgezet met een mobile prikkeldraadversperring, zo’n kruisvorm met rondom prikkeldraad. Volgens Tiny (Meyer) Wentink was deze Poolse soldaat geen kwaaie, hij deelde wel eens chocolade uit. Want de familie Wentink had achter dit complex een stukje land liggen waar wel eens wat vanaf gehaald moest worden. Zodoende kwam Tiny of andere familieleden geregeld langs de Poolse wacht. Op een dag was die Poolse soldaat zomaar verdwenen. Ook Job weet nog dat er Polen waren gestationeerd. Het complex kwam half juni of juli gereed zoals we al eerder hebben gelezen. Echter bleef het bouwwerk niet onzichtbaar voor de vijand. Op luchtfoto’s is duidelijk te zien hoe een grote brede zandkleurige rand om het complex ligt. Of dit nu een mijnenveld was is niet helemaal duidelijk, maar gezien de rechte vlakken die erin zitten is het zeer wel aannemelijk. Het complex was niet alleen beveiligd met mijnen maar ook een prikkeldraadversperring op deze brede rand moest insluiping voorkomen. Een verklaring werd gegeven door Ruud Pols uit de Velserbroek, hij weet te vertellen dat het een brede prikkeldraadversperring moet zijn. Want, zo zegt hij, in de prikkeldraadversperring kon niet gemaaid worden. Dus die verkleuring is afkomstig van het gras, mijnen lagen er waarschijnlijk niet. Aan de binnenkant van deze rand lagen een aantal schuilputjes. Dit zijn putjes van 1 meter 20 diep waarin een soldaat kon schuilen bij luchtaanvallen. Zo’n putje bestond uit drie betonnen ovaalvormige ringen (Deckungslocher) van 40 centimeter hoog, en was net groot genoeg voor één persoon. De elektriciteit die nodig was om het zoeklicht te kunnen gebruiken, werd brutaal weg gewoon afgetapt van het landelijke net. Nabij Stet aan de rijksstraatweg werd er aan een verdeelstation een verbinding gemaakt en de elektriciteitsdraden liepen dwars door het weiland naar het complex. Over de landerijen van Stet, Ineke, Scheerman, Cees Beentjes, Arie Groenland naar het land van Fam. de Wit (Jaap Balk) waar de zoeklichtopstelling stond. Tot ongeveer september 1944 kon men gebruik maken van elektriciteit, daarna niet meer, vanwege sabotage, luchtaanvallen en tekorten. Om de zelfde reden kon vanaf oktober 1944 ook geen gas meer worden gebruikt. De gashouder aan de Tolweg werd finaal doorzeeft door Engelse vliegtuigen. Wie werd er nu met de actie verzwakt? De Duitse bezetter of de lokale bevolking?

Tijdens de oorlog was de zoeklichtopstelling ook doelwit van een bombardement. Op 2de Paasdag (2 april) 1945 omstreeks 18:00 uur in de avond, vielen de Engelse het complex aan. Het bombardement werd uitgevoerd met tweemotorige vliegtuigen met motoren van ‘Black and White’, aldus Job, die vond dat ze een apart geluid maakte. De vliegtuigen kwamen aanvliegen vanuit zee over de duinen en boven ‘De Vlotter’ werd de aanval ingezet. Van de hoeveelheid bommen die er werden afgeworpen waren 8 of 9 raak. Eén bom kwam precies op het puntdak van de gecamoufleerde bunker die het dak, maar ook het beschermende zandlaag wegblies. Het gewapende dak van deze bunkers werd hierdoor beschadigd en was dan ook licht naar binnen gedrukt. Ook de boerderij van Hendrikse ‘Pauline’s hoeve’ bleef niet gespaard. Door het bombardement bleek de boerderij dusdanig zijn beschadigd en verzakt dat de punt van de boerderij moest worden verwijderd en ook de aanbouw moest worden gesloopt. Deze oude boerderij, een zogenaamde Noord Hollandse Stolp gebouwd door Jhr. Gevers in 1880 was hiermee gelijk verminkt. Tijdens het bombardement raakte de Duitsers kennelijk in paniek want ze begonnen als gekken heen en weer te rennen tussen de verschillende bunkers. Juist door het heen en weer lopen vielen er doden. De gewonden werden later overgebracht naar de KSA in het dorp waar zij verder weren verzorgd. In totaal vlogen de vliegtuigen drie keer over het complex. Nadien werd de controle en bewaking er verscherpt. Jaap zet nog wel een kanttekening bij het verhaal van het bombardement. Hij twijfelt eraan of het luchtafweergeschut achter de remise eigenlijk wel in werking was. Hij veronderstelde dat het misschien nog niet in gebruik was genomen vanwege de bouw. Maar de bouw was al een jaar eerder afgerond, dus zou het geschut wel gewerkt moeten hebben, tenzij de munitie op was natuurlijk. De koeien die tijdens het bombardement in de stal stonden hebben het gek genoeg allemaal overleefd, wel lagen er balken en andere brokstukken tussen. En andere anekdote van Jaap is dat van zijn opa. Na het melken van de koeien miste zijn opa een emmer melk. Snel had opa het vermoeden dat het een soldaat moest zijn geweest, want de verklaring was eenvoudig. In de verse sneeuw liepen de voetsporen van de stal naar de bunker. Opa spraak daarop de Orst-commandant aan en prompt werd de Oostenrijkse soldaat in Duitse dienst overgeplaatst. Hij dacht dat het een Oostenrijker was, zo te horen aan het vreemde accent. Een ander verhaal komt van boswachter Hidde Posthuma. Hij liep eens door de duinen te wandelen toen hij stuitte op een geraamte van een menselijk lichaam in de Dode Richel. Er lagen geen vergane lappen of schoenen bij, het moest dus naakt zijn geweest. Het vreemde was dat de schedel in het achterhoofd een rond gaatje vertoonde, maar aan de voorzijde niets te zien was. Het bleef voor Hidde enige tijd een raadsel. Nu kwam hij in contact met een oud-politieman, en die wist te vertellen dat het ronde gaatje in het achterhoofd afkomstig was van een pistoolschot van een Duits handvuurwapen, de zogenaamde Luger. Bij het afschieten van de kogel had deze niet genoeg kracht om de kogel door en door te drijven, zodat hij in het lichaam bleef zitten. Nu wil echter het toeval dat het gevonden lichaam toebehoorde aan een Poolse soldaat die gediend had bij de zoeklichtopstelling aan de Noordermaatweg, maar wegens deserteren was gefusilleerd in de Dode Richel.
Omgeving Noordermaatweg

Om de directe omgeving te beschermen tegen eventuele luchtlandingen werden er op de doorvoor aangewezen landerijen hoge palen neergezet. De landerijen die geschikt werden geacht voor eventuele landingen waren lang en breed genoeg voor een zweefvliegtuig te laten landen. Geharde dennenstammen werden in de grond geplaatst en staken daar zo’n 6 meter boven uit. Deze palen van ongeveer 20 centimeter dik stonden op 30 á 40 meter uit elkaar en van boven met draad aan elkaar verbonden. Deze stammen waren natuurlijk een mooie manier om aan brandhout te komen. Soms lukte het om een paal te bemachtigen, maar soms ook niet. Twee dagen na de bevrijding werd een man van Beentjes doodgeschoten omdat hij een paal uit het weiland haalde… Overigens stonden deze palen ook langs de Rijksstraatweg op de open plekken. Jan van Lieshout hielp Piet de Bie bij het doorzagen van zo’n paal. Brandstof voor de kachel was schaars in het laatste jaar van de oorlog. En net zoals bij de Van Oldenborghweg waren ook hier van die ovale schuttersputjes langs de kant van de weg ingegraven, zo weet Job Btitleus nog, welke ook weer versprongen en aan beide kanten van de weg lagen.
Mijn vader, Piet de Wit, was in dat oorlogsjaar (1944) 13 jaar en kon voor een paar centen meehelpen om palen in de grond te zetten. Niet alleen hoge palen maar ook palen van een meter hoog, zo vertelde hij. Hij en nog andere jongens uit het dorp maakte tijdens het ‘palenmeppen’ een liedje dat speciaal gecomponeerd was hiervoor, en het ging ongeveer zo;

             Wij zijn de palenmeppers,
             en we meppen erop los.
             Want het is nog nooit zo’n rotzooi,
             bij ons in het dorp geweest.
             Een, twee,
             Wie doet er met ons mee.
             Drie, vier,
             grote potten bier.
             Ahoy, ahoy,
             zo gaat die mooi.
             En de palenmeppers dat zijn wij,
             Ahoy, ahoy kameraden.

Voor een paar centen gingen die schooljongens wel aan de gang. Op zich vond mijn vader het geen vervelend werk, maar er schuilde wel gevaar. Namelijk op een ‘mepdag’ vlogen er diverse Engelse jagers over de weilanden op zoek naar de Duitse bezetter. Ineens kwam daar zo’n Duitse Messerschmitt uit het niets aangevlogen. Mijn vader vertelde dan dat hij en de andere jongens in de greppel moesten duiken vanwege het luchtgevecht wat toen ontstond. De Duitse jager vloog nog geen meter boven de grond en die Engelse jagers erachter aan. En ondertussen maar knallen met die boordmitrailleurs. Dat waren spannende tijden, soms duurde het wel een half uur, aldus mijn vader. Een keer of drie had hij dit zo meegemaakt. Hij vertelde dan ook dat hij nabij zwembad ‘De Knip’ in die weilanden daarachter die palen had moeten slaan. Ook tussen deze palen werd ijzerdraad gespannen om luchtlandingen te bemoeilijken. Niet titleijd hadden de Duitse jagers geluk. Mijn vader vertelde ook dat er in mei 1940 nabij zwembad ‘De Knip’ een Messerschmitt was neergestort. Aan de Noordermaatweg, nog geen honderd meter van de bunkers stortte een Messerschmitt 109 neer (25 juli 1943), recht met zijn neus de grond in, aldus Jaap de Ruijter. Hij kon dit weten, want die jongens van Air Craft Recovery uit Fort Veldhuis hadden toestemming gevraagd om in zijn weiland het vliegtuig te mogen opgraven. Dat was in november 1991. Brokstukken en onderdelen van het vliegtuig zijn nu in het Air Craft Recovery museum te bewonderen. Niet alleen vliegtuigen belanden in de weilanden, maar ook blindgangers of bommen afkomstig van vliegtuigen die hun lading moesten lossen om nog in Engeland aan te kunnen komen. Jaap de Ruiter vertelde dus dat er in de weilanden achter Château Marquette een 500 ponder moet liggen. Tijdens de oorlog werd er door de Duitsers verteld dat die bom wel zou wegrotten in de modder dus zij maakten zich daar niet zo’n zorgen om. Echter na de oorlog was de locatie van de bom te herkennen aan een klein heuveltje in het land. Maar met de ruilverkaveling en overdracht aan P.W.N. is de precieze locatie verloren gegaan. De 500 ponder zou alleen nog gevonden worden met behulp van oudere kaarten en een metaaldetector. De neef van Jaap, Henk de Ruijter weet ongeveer nog waar hij moet liggen.
Een ander incident dat plaats vond in de omgeving van de Noordermaatweg was een luchtaanval op een Duitse vrachtwagen waarin soldaten werden vervoerd. Het was september 1944 omstreeks één uur in de middag. Een Duitse vrachtwagen, komende uit of Castricum of Beverwijk reed ter hoogte van Lau Slikker (monumentale pand aan de Rijksstraatweg dat ingestort is en herbouwd moet worden) en Albert Kluft. Twee Engelse jachtvliegtuigen kwamen uit de richting van de Uitgeest en boven het duingebied keren zij om en vliegen dan richting De Vlotter. Ter hoogte van het boerderijtje van de familie Dekker opende zij het vuur op het militaire voertuig. De Duitse soldaten die in het voertuig zaten doken aan alle kanten in de greppel om dekking te zoeken. De Engelse jachtvliegtuigen kwamen twee maal over. Enkele jongens die dit toen gezien hadden waren de jongens van Van der Kolk en Job Btitleus. De jongens van Van der Kolk hadden dekking gezocht in een droge greppel, terwijl Job Btitleus in een sloot sprong waar water in stond, hij was met koffie onderweg naar zijn vader die aardappels aan het rooien was. Na de eerste aanval toen de vliegtuigen aan het keren waren sloop Job naar de jongens van Van der Kolk. Een tweede aanval volgde kort daarop. De Duitse soldaten die niet wilde dat er omstanders dit zagen en stuurde de jongens weg met de woorden ‘kewek mensch’. (ga weg mens) Later vertelde Job aan zijn moeder dat die Duitsers zo raar praten. Echter van het wegsturen was geen sprake, want de jongens die uit deze buurt kwamen wisten zich te verstoppen in zogenaamde ‘Rijzenhok’ waar je goed uitzicht had op de aangevallen vrachtwagen. Achter het huis van de familie Dirk Sinnige stond een hooiberg. Willem van Rixel en zijn moeder hadden dekking gezocht achter deze hooiberg. Twee maal kwamen deze vliegtuigen lang vliegen waarbij het voertuig dus onderschot werd genomen. Willem vertelde dat de hulzen van een lengte van ongeveer 20 centimeter waren en dat de kogels dan minstens rond 2 centimeter moet zijn geweest, want overal waren deze hulzen te vinden. Familie van Rixel, die toen net was geëvacueerd uit Velsen-Noord en tijdelijk woonde bij familie Dirk Sinnige, had ook nog een broer en vader. Zij waren net onderweg naar Velsen voor de tuinderij en vee, toen de luchtaanval werd ingezet. Ook zij moesten dekking in een sloot zoeken. Nadat de kust veilig was keerde de twee terug om schonen sokken en broeken te halen, kennelijk stond er in hun slootje ook water.


terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

Fort Veldhuis / Rijksstraatweg


Fort Veldhuis

Bron:
Detail kaart: Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag

                         


Bron foto: Copyright © 1944, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn


Op luchtfoto: Fort Veldhuis en directe omgeving


In Heemskerk waren dus een aantal plaatsen waar de Duitse bezetter zich ophield. Zo weten we inmiddels dat ze de kuststrook volledig hadden afgeschermd. Tevens de weilanden tussen Heemskerk en Castricum waren niet veilig en Marquette diende als weerstation. Maar hoe zat het dan met de Zuidwestkant van Heemskerk richting Assendelft. Begin 1900 is er rond Amsterdam de Stelling van Amsterdam gebouwd. Vele forten werden in een ring om de hoofdstad gebouwd. De grote kracht van deze ring lag in het feit dat de vijand op afstand kon worden gehouden door gebieden rondom de ring onderwater te laten lopen. De zogenaamde inundatiegebieden. Nu het in handen van de bezetter lag werkte deze kracht dus in grote mate als nadeel voor een eventuele luchtlanding. Want op 26 maart 1944 werden grote gebieden onder water gezet. Dat was de tweede keer binnen enkele jaren. Want bij het binnenvallen van Duitsland besloot men allengs om het inunderen in werking te zetten om zo de inval te bemoeilijken.

Bron foto: Tiny Meyer Wentink, Heemskerk



Bron: Inundatie Heemskerk
Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag,
Duitse verdedigingswerken en inundaties van Nederlands grondgebied in de oorlog.
Rapporten van militaire aard vanuit bezet Nederland aan Bureau Inlichtingen Londen,
toegang 575, inv.nr.1- 551
Map 155 ‘Inundatie Heemskerk’





Bron foto: NIOD Inundatie Communicatieweg mei 1944



Foto van een waarschuwingsbord waarop staat dat de Communicatieweg is afgesloten omdat de weilanden rondom de forten zijn geïnundeerd.
Het bord stond aan het begin van de Communicatieweg op de Tolweg nabij de gashouder en dus in Widerstandnester C welke deel uitmaakte van het 'Neue Landfront'
Men wordt verzocht via Uitgeest naar Zaandam te reizen.


Bron foto's: Historische Kring Heemskerk

Maart 1944 Inundatie Communicatieweg

     


Febuari 1945 Inundatie Communicatieweg Boerderij Klein Veldhuis van G. Glijnis aan de St. Aagtendijk / Hr. G. GLijnis op paard en wagen met hond

     


De tijd dat de weilanden dan onder water staan is echter maar van korte tijd. 10 dagen in totaal, vanaf 5 mei met het binnenvallen tot 15 mei wanneer door de bezetter de gemalen weer bij genomen. Korte tijd later liggen de weilanden weer in het zonlicht. Fort Veldhuis wordt versterkt met twee stukken Flak luchtafweergeschut van 2 cm met bij behoorden zoeklichtopstelling.

     


Het zoeklicht heeft in de remise gestaan en werd via de hellingbaan boven op het Fort getakeld. Net zoals bij de zoeklichtopstelling aan de Noordermaatweg, stond hier een 200 cm - Scheinwerfer 40 opgesteld. Fort Veldhuis maakte dan ook deel uit van een tweede luchtverdedigingsgordel rondom IJmuiden, zoals eerder geschreven bij ‘Noordermaatweg’. In de loop van de oorlog komen steeds meer geallieerde vliegtuigen over. Soms lukt het de Duitsers wel eens om een vliegtuig neer te halen. De bemanning die zich meestal met parachute weet te redden maar gevangen worden genomen, worden geïnterneerd op Fort Veldhuis. Op 10 februari 1943 stort er schuin boven het Fort een Amerikaanse bommenwerper neer. Het is een Boeing 17, bijgenaamd het ‘Vliegend Fort’. De co-piloot Samuel Charles Gundy uit de staat Pennsylvania lukt het om met zijn parachute naar beneden te komen. Echter breekt hij zijn rug. Ook Gundy heeft enkele dagen op Fort Veldhuis gezeten. Onder leiding van ‘Rustungs Inspection’ van de Duitse Wehrmacht worden de stalen hefkoepels (6 cm kanonnen) opgeblazen. Dit om het staal van de kanonnen om te smelten voor oorlogstuig in Duitsland. Tegen het eind van de oorlog, 1944, toen het staal erg schaars was geworden, werden zelfs de stalen deuren en ramen uit het fort gesloopt en getransporteerd naar Duitsland. Net zoals het staal uit het keukengebouw van Fort Veldhuis. Ook uit 1914-1918 stamt de paardenstal, welke ten zuidwesten van het fort is gelegen. Deze paardenstal of eigenlijk granaatvrij gebouw, diende ervoor om de paarden veilig te kunnen bergen bij eventuele luchtaanvallen. C. Bruis uit Zaandam, deskundige op het gebied van de Forten in de Stelling rond Amsterdam, weet te vertellen dat er aan het eind van de oorlog een keuken werd gebouwd. Eerst slopen de Duitsers al het staal uit de bestaande keuken van Fort Veldhuis, om daarna een nieuwe keuken naast het fort te bouwen, welke meer onveilig was dan een inpandige keuken? Bovendien werd het eten voor de Duitse soldaten verzorgd in Fort Krommeniedijk. Van hieruit werd het eten gedistribueerd over Fort aan den Ham, Fort Veldhuis, Fort Aagtendijk en Fort Zuidwijkermeer.


Rijksstraatweg

De telefoonbunker aan de Rijksstraatweg ofwel Vf Fernsprechbunker (Verstarkt Feldmaßig). Achter het huis aan Rijksstraatweg nummer 131 er het vond de Duitse bezetter het een goed idee om pal achter woonhuis een verbindings- of telefoonbunker te bouwen. Toentertijd woonde er de familie Stengs, welke later naar de Noordoostpolder is verhuisd. Een meisje die toen twee huizen verder woonde, mevrouw Bakkum-Puf, wist te vertellen dat de bunker er van de een op de andere dag stond. Met de gestandaardiseerde werkwijze van de Duitsers kan dat heel goed mogelijk zijn, dat in een zeer kort tijdsbestek die bunker daar gebouwd is. Het is alleen niet duidelijk geworden of er tijdens de bezetting ook Duitsers in het huis zelf hebben gezeten. Wat logischerwijs wel zou kunnen, met zo’n belangrijke post achter het huis.

Bron foto's: Historische Kring Heemskerk

Uittocht Duitse soldaten onder begeleiding van Canadese soldaten mei 1945 over de Rijksstraatweg richting Castricum ter hoogte van huisnummer 135

     

     



terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

W.N. 47 / 50 Landfront Stützpunktgruppe Castricum


Widerstandnester 50 (Meeuwenduin)

Bron kaart: Onbekend



Bron foto: Copyright © 1945, Dienst voor luchtfotografie, Bibliotheek Wageningen


Op luchtfoto: Widerstandnester 40aH en 50


Widerstandnester 50 is een Widerstandnester welke te vergelijken is met widerstandnester 58 (Russenduin) Het bestaat hoofdzakelijk uit onderkomens voor de Duitse Wehrmacht. Dit Widerstandnester heeft als doel om een deel van het Landfront van Stützpunktgruppe Castricum te verdedigen.



Widerstandnester 47 (Berkenbos)

Bron foto: Copyright © 1945, Dienst voor het kadaster openbare registers, Apeldoorn


Op luchtfoto: Widerstandnester 47


Naast de Widerstandnester die vanaf Widerstandnester 47 richting de kust lagen, lag er langs de Beverwijkse Straatweg ook nog een Widerstandnester. Deze lag niet zo heel ver vandaan bij Widerstandnester 47, iets naar het noorden lag Widerstandnester 46. Dit Widerstandnester was heel belangrijk, het heeft namelijk een Walzkörpersperre. Met deze controlepost kon al het verkeer worden gecontroleerd dat zich op de Rijksstraatweg bevondt en Castricum in of uit wilde. Bij dreiging konden de walzen worden neergelaten en sloot daarmee de doorgang naar Stützpunktgruppe Castricum vanuit het zuiden af. In de archieven van de historische kring was iets bijzonders te vinden. Namelijk een oude foto van vlak na het eind van de oorlog.
Canadesen die de vrijheid in Noord-Holland terugbrachten, bliezen met explosieven de Walzkörpersperre op.

Bron foto: Historische Kring Heemskerk



terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

Neue Landfront


Neue Landfront in Heemskerk


Bron foto: Copyright © 1944, Dienst voor het kadaster en openbare registers, Apeldoorn


Op luchtfoto: Fort Veldhuis en directe omgeving


Zoals er al eerder in dit hoofdstuk werd geschreven, wilde Rommel een tweede linie, een Landfront. Deze had als doel om eventuele aanvallen vanuit het binnenland te kunnen weerstaan. Hij verordende de bouw van de ‘Neue Landfront’, welke op ongeveer 8 tot 10 kilometer uit de kust werd gebouwd en was oostwaarts gericht. In grote lijnen liep de Neue Landfront van Den Helder tot Scheveningen waar het Landfront om Delft richting Dordrecht liep. De Neue Landfront liep dus vanaf Den Helder langs het Noord-Hollandskanaal tot aan het Alkmaarder- en Uitgeestermeer. Om verder door de polder ten zuiden van Uitgeestrichting Melk-suikerfabriek richting de Tolweg en vervolgens over de Tolweg tot aan de Communicatieweg te lopen. Vanaf de Tolweg loopt de Neue Landfront evenwijdig aan en tussen de Communicatieweg en Zuidermaatweg, richting Fort Veldhuis te lopen. Dan buigt het Neue Landfront mee met de inundatiegebieden rond de Stelling van Amsterdam om nabij Spaarndam evenwijdig aan de kust richting Scheveningen te lopen.

Op 28 april 1944 verordenneerde Generalleutnant Wolf Günter Trierenberg, commandant van de 347ste Infanterie Division, de inrichting van een Neue Landfront in Noord Holland. In principe werden voor de bouw burgers ingezet en militairen die vrijgemaakt konden worden. De widerstandnesters worden voorafgegaan door de letter L van Landfront. Op 22 juni 1944 besluit van Trierenberg dat de bezetting van sommige Widerstandnester moest bestaan uit 1 onderofficier en 15 manschappen.

Verantwoordelijk voor de inrichting waren:
Van de zuidelijke divisie-grens tot Schoorldam W.N. L1 - L20 / Grent.Rgt 861
Van Schoorldam tot Ewijcksluis W.N. L21 - L36 / Grent.Rgt 862


Bron: Bundesarchiev Freiburg
LXXXVIII Armeekorps
Abteilung Ia (Führungsabteilung)
RH 24-88/109
Teil A: Nr. 87-379



Met ingang van 30 juni 1944 werden de grotere Widerstandnester, waarvoor eerder werd verordend dat deze bezet moesten worden door 1 onderofficier en 15 soldaten, bezet door soldaten van de 'Fallschirm Ersatz und Ausbildungs Regiment Hermann Göring'.
Volgens een verzetgroep (Groep Albrecht) was er op 7 juni 1944 een Duitse bezetting van ongeveer 150 manschappen 'Hermann Göring'. 'Op het fort gecamoufleerde stellingen, bestrijken het gebied ten westen van de Geniedijk'. (de huidige Broekpolder)
Op 25 augustus 1944 zijn er nog circa 50 manschappen aanwezig die zich voorbereiden op een vertrek.
Volgens een andere verzetgroep (Bureau Inlichtingen Londen) werd het fort in april 1945 door de Duitse bezetter gebruikt als luisterpost met zware mitrailleur tegen vliegtuigen voor een Flakbatterij te Beverwijk en de legering van 12 man Marine Attillerie met onbekende taak.

Bron foto: Onbekend



Op een Duitse kaart staat een deel van het Neue Landfront op Heemskerk ingetekend. Daarnaast zijn er nog enkele belangrijke punten aangegeven met een letter C en L. De L’en staan voor kleinere complexen in de Neue Landfront, deze staat niet aangegeven op het grondgebied van Heemskerk. Wel staan er C’s. C en C1. Complex C ligt op de hoek van de Tolweg en Communicatieweg. Hier staan twee punten getekend, de eerste nabij Boerderij Kager en de tweede ligt daar schuin achter in noordelijke richting. Dit zijn, vermoed ik, luchtafweergeschut. Deze werden wel meer bij belangrijke (kruis)punten neergezet. In het gebied tussen het Uitgeestermeer en Fort Veldhuis lag complex C het meest naar het westen maar evengoed nog 7 kilometer van het strand af. Even verder op langs de spoorlijn Beverwijk – Uitgeest staat op de Zuidermaatweg (501a) en op de Communicatieweg (501) ook twee punten ingetekend. Dit waren waarschijnlijk controle- en bewakingsposten voor de spoorlijn. Fort Veldhuis heeft ook drie ingetekende punten. (C1) Op Fort Veldhuis heeft een zoeklichtopstelling gestaan met twee stukken luchtafweergeschut erbij. Als laatste staat er langs de Neue Landfront op Heemskerks grondgebied langs de Genieweg iets ter oosten van het huidige gaspompstation nog een punt welke een uitkijkpunt (503) voorstelt welke overzicht bood over de polders maar ook over de ondergelopen gebieden, omdat het uitkijkpunt bovenop de Geniedijk stond. Andere gegevens op deze tekening zijn te vinden in de vorm van getallen. Zo heeft elk stuk polder dat door inundatie onder water kan worden gezet een getal boven de honderd. Zo heeft de huidige broekpolder nummer 111 en het huidige golfterrein nummer 114. Het poldergebied tussen het Uitgeestermeer en Fort Veldhuis heeft nummer 115.

Met het fragment van de zuidelijke divisiegrens van K.V.A. Schagen is er gelijk te verklaren waarom de benaming van de Widerstandnesters in het Neue Landfront anders zijn benoemd. Is Uitgeest nog L1 genoemd, het kruispunt op de Tolweg en de Communicaiteweg wordt C genoemd. De reden daarvoor is dus dat de divisiegrens, beginnende tussen strandpaal 49 en 50 net iets ten noorden van het kruispunt lag. Alle Widerstandnester in het Neue Landfront in K.V.A. Schagen wordt met een L aangeduid en alle Widerstandnester in het Neue Landfront in K.V.A. Amsterdam wordt met C en met de 500 serie aangeduid.

Bron: Bundesarchiev Freiburg
LXXXVIII Armeekorps
Abteilung Ia (Führungsabteilung)
RH 24-88/93
Teil A: Nr. 87-379




In het Duitse Archief in Freiburg, periode 1940 - 1945 vinden we een document wat betrekking heeft op het Neue Landfront. In de reisnotitie wordt een deel van het Landfront geinspecteerd en daar waar nodig verbeterpunten aangevoerd. Het belangrijkste punt in deze notitie is punt 1. Hierin wordt onder andere gewag gemaakt over Widerstandnester 503 en poldergedeelte 111. Daarin wordt een oefenaanval uitgevoerd vanaf de spoorlijn richting de Genieweg op WN 503.
Het eerste punt heb ik overgeschreven, vertaald en hieronder uitgewerkt.


Oblt. Rist.							K.H.Qu.,den 8 August 1944

Fahrtnotizen zur Besichtigungsfahrt des Chef des Geb. Stabes am 8-8-1944 in des Bereich des II./Fsch.Ers.-u.Ausb.Rgt. H.Gö.

Es wurden vorgeführt:

1.) 	Pi - Zug mit behelfsmäßigen Mitteln Angriff von
	Eisenbahn Beverwijk - Uitgeest über Überflutungs-
	Polder 111 in Richtung Wn.503.
	Die Truppe konnte, teilweise bis zu den Schultern im Wasser, ohne 	
	besondere Schwierigkeiten, trotz des Überflutungsgeländes, den Angriff 	
	vortragen.
	Waffen, Gerät und Ausrüstung (kleines Sturmgepäck) waren nur teilweise 	
	nass, Waffen durchweg brauchbar.

	Es wird vorgeschlagen, innerhalb des Überflutungsgeländes einzelne Stellen 	
	mit S - Rollen, Flächendraht - Hindernis oder Stolperdraht zu versehen.

	Räderfahrzeuge (Kfz. 31) konnten nur ein kleines stück auf einem Feldweg 	
	vorwärtskommen. 

Vertaling:

Oberleutnant Rist. 						K.H.Qu.,de 8ste augustus 1944

Reisnotities van de bezichtigingstour van de chef-staf op 8-8-1944 op het gebied van de II. / 
Fallschirm Ersatz und Ausbildungs Regiment Hermann Göring

Er wordt gepresenteerd:

1.)	Pi – Een geïmproviseerde aanval vanaf 
	de spoorlijn Beverwijk – Uitgeest door de ondergelopen 
	polder 111 richting Widerstandnester 503.
	De troepen zouden, gedeeltelijk tot aan de schouders in het water zonder 
	bijzondere moeilijkheden, ondanks het overstroomde gebied, de aanval 
	reciteren.
	Wapens, uitrusting en gereedschappen (aanvalsbenodigdheden) werden slechts gedeeltelijk 
	nat, wapens bleven consequent bruikbaar.
	
	Er wordt voorgesteld om binnen de ondergelopen gebieden enkele delen 
	met S - rollen, prikkeldraad - hindernissen of van struikeldraad te voorzien. 

	Wielvoertuigen (Kfz 31) waren in staat om slechts een klein stukje op een onverharde weg 
	naar voren te komen.
We mogen dus concluderen dat er inderdaad troepen van de 'Fallschirm Ersatz und Ausbildungs Regiment Hermann Göring' op Fort Veldhuis en langs de Neue Landfront gestationeerd waren. Vanaf Uitgeest werd de Neue Landfront aangeduid met de letter L en richting zuiden met C en met de 500 serie. Want er is sprake van Widerstandnester 503. Inderdaad vinden we W.N.503 op het kaartje, maar daarnaast ook W.N. 501 en W.N. 501a.



terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?

Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?


Waar nog meer waren de Duitsers gelegerd in Heemskerk?

Kasteel Assumburg

1940		2 juni 			2 dagen
1940		12 juni			5 dagen
1940		september – november			26 manschappen
1941		maart – oktober		
1941		december
1942		mei-oktober		
1944		juni			3 weken

Marquettelaan, Protestanten school

1944		5 september				afdeling SS’ers 

Maerelaan, Openbare school

1941		maart – september 

A. Verherenstraat, Mariaschool

1940 		tot 12 juni, daarna naar Assumburg 

A. Verherenstraat, Laurentiuskerk met klooster

1941		Kerkestal aan Maerelaan, paarden van Duitse Cavalerie werden daar ondergebracht. Liepen in wei van Jan de Wit 
		naast en achter de kerk.
1944		Duitse gewonde soldaten van het 347 divisie worden verzameld en 19 verzorgt in het klooster. 
		‘347 ID Kloostergebaude von Heemskerk als verwundeten sammlplatz’.  
1944		Uitkijkpost in Laurentiustoren.
Ook het gebied rondom de Mariaschool en klooster is tijdelijk geëvacueerd geweest. 

Oudendijk, tuindersgebied

1943		Westelijk gedeelte tuindersgebied tot aan Luttic Cie ontruimd voor tentenkamp voor soldaten van het oostfront. 
		Het tentenkamp werd rondom Boerderij Duinhoeve gebouwd. 
Château Marquette

Citaten uit het persoonlijk memoires van Jacob Vrugt.
‘In zomer van 1940 kwam een van de twee huizen in het Koetshuis leeg en mochten wij dat huren van de jonker’… ‘De ene na de andere groep Duitsers kwam en ging op Marquette. Het Koetshuis heeft twee aparte daken, het achterste, wat je vanaf de weg niet kunt zien, is de hooizolder van de paardenstal. Dat loopt dus ook boven de keukens van de twee huizen. Dat dikwijls werd gebruikt als slaapplaats van de Duitsers. Bij ons keukenraam stond een grote trap om op die zolder te komen. Dus nogal rumoerig boven je hoofd en om over de privacy maar te zwijgen als er weer een nieuwe groep van het front kwam, gingen ze zich eerst naakt staan te ontluizen bij de regenput.’ Eenmaal per jaar was er op Marquette de zogenaamde paardenkeuring. Dit hield in dat iedereen met een paard zich moest melden op Marquette, waarna de Duitsers de beste paarden eruit pikten en zelf hielden. Voor schadecompensatie werd men naar het Gemeentehuis verwezen. Ene meneer Wakker zou de vergoedingen uitkeren. Zo zou familie Vrugt ook compensatie krijgen voor geleden schade, maar geen cent hebben ze ooit gezien. Wakker hield het voor zichzelf zeker, aldus Jacob Vrugt in zijn memoires.

‘De laatste 8 of 9 maanden was er een soort meteorologische eenheid die dagelijks het weerbericht samenstellen de voor de laatste vliegtuigen die ze nog hadden. Dat was een aardige commandant Koch, die ook graag naar huis wilde. In de winter kwam hij wel een praatje in het Engels maken met mijn vader. Hij zorgde ervoor dat wij de laatste maanden stroom uit het kasteel kregen. Tijdens de oorlog heeft Familie Vrugt twee maal het Koetshuis voor een korte periode, meestal niet langen dan een paar dagen, op last van de Duitsers meten verlaten. De derde, maar de laatste evacuatie was op 2de Paasdag (2 april) 1945. Jachtvliegtuigen vlogen rond Marquette. ‘s Avonds om zes uur vloog er eerst een jachtvliegtuig heel laag over ons huis. Wij zaten we net te eten en Greta was al in nachtjapon om later na bed te gaan. Daarna kwam er weer een vliegtuig laag over en die gooide brandbommen rondom het kasteel, dat gaf enorme vlammen. Het volgende vliegtuig gooide bommen op de auto’s van het weerstation die op de binnenplaats van het kasteel stonden en dat was in een keer raak, ook de gevel van het kasteel was flink beschadigd.’ Tijdens het laatste oorlogsjaar is het gehele molen- en Marquettebos kaal gekapt om te dienen als brandstof. Voor zowel om te koken als wel voor houtgasgeneratoren voor voertuigen.

Resultaten van de bombardement, uitgevoerd door de Engelse luchtmacht op 2de Paasdag 1945 met als doel Kasteel Marquette en de zoeklichtopstelling aan de Noordermaatweg.

Bron foto: 106G-4526 foto nr. 3023 d.d. 11 april 1945.



Bij mensen thuis 
Familie Meester Floor 	
Gerrit van Assendelftstraat		Officier (arts) van Marquette

Familie Schoen	
Coevenhovenstraat			Zwanger meisje van officier (2 weken)

Pieter van Tuinen	
Marquettelaan				Staf van afdeling SS’ers

Familie van Hiele
Kruisbergweg				juni 1944 – 5 september 1944

Huizen gevorderd aan Oudendijk – Kruisberg – Boerderij Kruisberg 

NSB op Kasteel Assumburg?


Zoals we weten is Kasteel Assumburg in 1931 aangekocht door het Rijk en omgebouwd tot jeugdherberg. Tot aan de oorlog bleef het kasteel dienst doen als jeugdherberg. Hoewel het vlak voor het uitbreken van de oorlog dienst heeft gedaan als mobilisatie complex. Op de achterzijde van enkele ansichtkaarten uit die periode staat te lezen over overplaatsingen. Heeft het kasteel tijdens de oorlog gewoon dienst gedaan als jeugdherberg of hebben er andere groeperingen gebruik gemaakt van het kasteel?

Uit bovenstaande blijkt dat er Duitsers in het kasteel hebben vertoeft gedurende enkele periodes in de oorlogsjaren.

In het najaar van 1943 wordt een lid van de fotodienst van de NSB (Nationaal Socialistische Beweging) G.H. Cino naar Heemskerk gestuurd om een serie foto's de maken van een 'Vormingsweek van de WA (Weerbaarheids Afdeling, leger van de NSB) en het Propagandakader' op Kasteel Assumburg. Uit de reportage blijkt dat er naast studie ook aan sport en spel werd gedaan. Tijdens het sport en spel konden de jongeren die op dat moment in Assumburg verbleven, ook meedoen. Zij hoefde niet perse NSB lid te zijn.

Bron foto: NIOD (Nederlands Instituut voor Oorlogs Documentatie)


Klik op de foto om naar fotoreportage te gaan

Als de snelkoppeling niet werkt: www.beeldbankwo2.nl --> Zoek --> Assumburg


In diezelfde periode loopt er ook een jongeman rond op het kasteel. Hij is lid van de Jeugdstorm en wil bij de Landdienst. Na de oorlog verteld hij in een interview over zijn situatie toentertijd. Uit dit verhaal zal blijken dat Kasteel Assumburg werd gebruikt door de NSB als opleidingscentrum.

Heropvoeding jeugdige politieke delinquenten
Bron: Getuigenverhalen.nl/interview10

Meneer is geboren in 1928. Zijn vader werd net voor de bezetting werkeloos en het gezin leefde sindsdien in grote armoe. De hoop op een beter leven voor het gezin deed vader in het begin van de bezetting besluiten om lid te worden van de NSB. In 1942 verbleef meneer voor drie maanden in Linz bij een gezin. Eén van de jongens daar was piloot en meneer werd enthousiast om ook piloot te worden. In 1943 werd hij lid van de Jeugdstorm. Er werden leuke activiteiten georganiseerd en hij vond het leuk om met leeftijdsgenoten om te gaan.

Meneer heeft zijn opleiding afgebroken om zich bij de Landdienst aan te sluiten, waarvoor hij binnen de Jeugdstorm werd gerekruteerd. Op Kasteel Assumburg werd hij getraind tot Wehrboer, volgde het Wehrsportkamp en werd vervolgens naar West Pruisen gestuurd om daar te werken bij boeren en om Duits te leren. Omdat hij wilde vechten tegen het bolsjewisme heeft hij zich in 1944 aangemeld bij de Waffen SS en volgde in de Elzas hiervoor een opleiding. Omdat het front daar al genaderd was, werd hij nog voor het afronden van zijn opleiding ingezet aan het front. Dit was een zware tijd met veel ontberingen. Hij raakte zwaargewond en werd voor behandeling naar Köthen (tussen Leipzig en Maagdenburg) overgebracht. In die tijd waren er veel zware bombardementen, onder andere op het nabij gelegen Dresden. Op 3 maart 1945 is meneer ontslagen uit het ziekenhuis en is er met veel moeite in geslaagd weer bij zijn oude regiment terug te komen. Daar heerste een onaangename en onrustige sfeer. Na de capitulatie wilde hij voorkomen dat hij door de Russen gevangen genomen zou worden en vluchtte naar de Ems en is uiteindelijk in de Amerikaanse zone terechtgekomen. Hij werd daar verhoord door twee Nederlandse officieren en samen met wat andere jongeren werd hij apart gezet in een jongerenkamp.

Onder bewaking van Amerikaanse soldaten is meneer uiteindelijk naar Nederland getransporteerd. In Amersfoort werden zij opgewacht door de Binnenlandse Strijdkrachten. Hij werd kaal geschoren en kreeg twee witte stippen op zijn broek en op zijn rug (waaraan men SS’ers kon herkennen). Eind 1945 werd meneer overgeplaatst naar het kamp Sparjebird in Friesland. Voor hem was dit geen zware tijd: overdag werkte hij op het land en ’s avonds werden de jongens soms vermaakt met optredens. Na ongeveer een jaar mocht hij onder bepaalde voorwaarden naar huis; zijn staatsburgerschap werd hem niet ontnomen, wel zijn stemrecht. Zijn voogd was een dominee. Deze toezichthouder zorgde ervoor dat meneer werk kreeg.

Uit bovenstaande tekst blijkt dat naast de 'Vormingsweken' van de NSB, het Kasteel Assumburg ook heeft gefungeerd als een soort opleidingscentrum van de NSB waar jongelieden werden opgeleid tot Wehrboer of andere Wehrmacht hulpgroepen.



Hoe zat het eigenlijk met de beheerder van het kasteel. Het kasteel was immers een jeugdherberg. Gesloten in bepaalde perioden wanneer de Duitse Wehrmacht er zijn intrek had genomen. Maar verder 'gewoon' open voor herberggangers. De sport en spel bijeenkomsten konden dan ook worden bijgewoond door de herberggangers. Zou de kasteelvader ook banden met de NSB hebben gehad?

Om daar meer over te weten komen slaan we HKH 44 open op bladzijde 47

In 1933 vind Geert Dils werk als ‘vader’ van jeugdherberg Assumburg. Hij komt in dienst van de vier jaar eerder opgerichte Nederlandse Jeugdherberg Centrale kortweg NJHC.

Geert werd geboren in 1875 te Roermond als oudste zoon in een katholiek arbeidersgezin. Vader was kerkschilder en Geert moest als jongen meehelpen om de kost te verdienen. Geert bleek een muziekaal talent te bezitten. Hij kon geweldig mooi zingen. Hij vestigde zich in Vlaanderen om zich verder te ontwikkelen in de schilder- en zangkunst. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Geert actief op Vlaams-nationaal gebied. Hij is vertolker van het oude Nederlandse lied en het Middelnederlandse lied heeft zijn bijzondere interesse. Hij ging daarbij zelfs zover dat hij alleen nog maar oude ballade uit de tijd van de vroegste Dietsche letterkunde te gaan zingen, zichzelf begeleidend op een luit. Daarmee zette hij gelijk een punt achter zijn operacarrière.

In 1924 vestigt Geert zich in Amsterdam waar hij als docent verbonden was aan de Nederlands Jeugdleiders Instituut ‘Ons Huis’. Daar gaf hij muziekles aan jongeren. Het oude lied werd door hem ijverig gepropageerd. Tevens gaf hij in het jeugdcentrum volkdansen. Inmiddels was hij niet alleen aanhanger van het Vlaams nationalisme maar ook van het socialisme. Ook in socialistische kringen was traditionele volksmuziek geliefd. Vooral in de socialistische jeugdbeweging AJC (Arbeiders Jeugd Centrale) zong men graag Oudnederlandse liedjes. Ergens in de jaren ’30 is Geert lid geworden van de NSB, hij zag waarschijnlijk een vereniging tussen het nationalisme en socialisme. Hij was dan ook een anticommunist, net als de NSB.

Geert betrekt in zijn nieuwe functie als kasteelvader het kasteel en zijn kasteelvrouw had hij al gevonden in de 27 jaar jongere Cornelia (An) Gilles. Na het overlijden van zijn wettelijke echtgenoot, zij was in een psychiatrische inrichting opgenomen, was de weg vrij voor een nieuw huwelijk. Het paar trouwde op Assumburg en kregen twee dochters. Nel en Marijke. Kasteelmoeder An runde het hele kasteel, ze kon goed organiseren. Kasteelvader Geert vermaakte de jeugd met sport en spel. Het waren vooral jongeren van die lid waren van de AJC en de JVO (Jongeren Voor Onthouding), jongeren dus met een socialistische achtergrond. Geert was dan ook titleijd met de jeugd bezig. Fietstochten in de duinen, handballen, voetballen, wandelen, zingen en volksdansen.

Tijdens de mobilisatie in 1939-1940 werden enkele keren Nederlandse soldaten in kasteel Assumburg gelegerd. Zij behoorde tot het 113de batterij van de luchtafweer. Bij het vertrek van de soldaten werd Geert als dank voor de gastvrijheid door de mannen benoemd tot ‘Ridder in de Orde van het Gevleugelde Kanon’ met een officiële oorkonde erbij. Ook maakte Geert zich nuttig voor het Rode Kruis waarvoor hij een Herinneringskruis ontving.

In de jaren die volgden werd Assumburg een aantal malen gevorderd door de Duitsers. Soms mocht het gezin Dils blijven. In de hal stond een draadhek om het woongebied van de familie te scheiden van de rest van het kasteel. In de zomer van 1942 werden er weer Duitse soldaten in het kasteel ingekwartierd. Ze moesten toen binnen 24 uur het kasteel verlaten.

Op de dag van de bevrijding liepen BS’ers (Binnenlandse Strijdkrachten van voormalige verzetleden) op het terrein van het kasteel. Geert werd samen met nog 20 andere NSB’ers voor het kasteel vastgehouden. Geert was nog steeds lid van de NSB hoewel An er meerdere malen op aan had gedrongen het lidmaatschap op te zeggen. Maar Geert zag dat anders. ‘Een kapitein verlaat het zinkende schip niet’. Na vier dagen werd ook An opgepakt op verdenking van lidmaatschap van de NSB. De kinderen werden opgevangen door Pastoor van den Nouweland en ondergebracht in het klooster nabij de Laurentiuskerk. De NSB gevangenen werden naar Bakkum gebracht waar ze moesten wachten op een eventuele veroordeling. Na 6 weken werd An Dils Gilles weer vrij gelaten toen bleek dat zij inderdaad niets met de NSB te maken had gehad. Ze mocht naar huis, maar niet meer terug naar het kasteel.

Geert werd veroordeeld en overgebracht naar kamp ‘de Koude Horn’ in Haarlem. Daar werd hij ziek en enkele maanden later overlijd Geert op 4 oktober 1945 in het Diaconessenziekenhuis te Haarlem. Om eventuele NSB sympathisanten af te schrikken achtte de BS het nodig om op de begrafenis gewapend aanwezig te zijn. An was bij de begrafenis maar de kinderen niet. Ze wilde hen de aanblik van het machtsvertoon besparen. Geert Dils is 70 jaar geworden.

Bron foto: Nico van Gijn



Inderdaad is het dus zo dat de kasteelvader banden had met de NSB, hij was er immers lid van. En het klopt ook dat op bevrijdingsdag de Binnenlandse Strijdkrachten op het terrein van Assumburg NSB'er gevangen hield. In de onderstaande tekst uit de persoonlijke memoires Johannus Beentjes wordt ook verhatitle over gevangenneming door de BS.


De bevrijding

Citaten uit het persoonlijk memoires van Johannus Beentjes
Bron: Schoolbank 1 okt 2010


Vlak voor de bevrijding, vanaf 29 april 1945, droppen de Geallieerden voedsel. De grote bommenwerpers komen rakelings bij ons over, ze gooien geen bommen maar eten voor hongerende mensen. We zijn uitgelaten en overmoedig. De bevrijding is nabij! We klimmen op het dak van de keuken om ze beter te kunnen zien. En in die dagen bakken de bakkers echt wittebrood van meel dat de Zweden ons geschonken hebben. De smaak van brood, het is een ongekende luxe.

1945: De bevrijding. Het staat in mijn hart gegrift, maar meer nog als een gevoel dan als herinnering aan de feiten. Het is een ontlading van vreugde, van diepe emotie omdat er gerechtigheid geschiedt; van grenzeloos geluk na de bezetting, de ellende en de honger van het laatste oorlogsjaar. We worden bevrijd door de Canadezen. Ze komen pas na de capitulatie van de Duitsers, die in Wageningen getekend is. Ze komen uit Uitgeest binnen met pantservoertuigen, vrachtauto’s, jeeps en motoren. Op 9 mei meldt een Canadese officier zich op het gemeentehuis.

Ze slaan vlakbij ons twee kampen op aan de Hoogdorperweg, op het weiland van Toon de Wildt (wiens boerderij is opgeblazen) en op het land van Henk van Riezen. Er gaat geen strijd en vernieling aan hun komst vooraf, er vtitle geen schot; alleen maar juichende, gelukkige mensen, die hun bevrijders uitgelaten van vreugde inhalen. Voor die jonge Canadese soldaten is het een emotionele ervaring na maanden van oorlog, dood en gewonden, puin en angst. Om nooit meer te vergeten. Ze hebben sigaretten, chocolade en biscuit en blikjes met meat and vegetables (we spreken dat op zijn Hollands uit). We zijn dol van vreugde en ik kan nooit meer aan die dagen denken zonder tranen in mijn ogen te krijgen.

Er zijn opeens overal blauwe overals van de BS (de Binnenlandse Strijdkrachten) op straat. Bank Koper, een zoon van oom Piet Koper, is er een van. Er lijken mij veel verzetsstrijders van het laatste uur onder. Ze halen de weinige NSB'ers uit hun huizen. Ze worden afgevoerd naar Kasteel Assumburg, dat dan dienst doet als huis van bewaring. Op het bordes van het gemeentehuis gaat een aantal idioten ‘moffengrieten’ kaal knippen. Het laat een vieze smaak achter.



Luchtalarm

In Heemskerk is tijdens de oorlogsjaren ook een aantal malen het luchtalarm afgegaan, 
om de inwoners van het dorp te waarschuwen voor naderend onheil. 

1941		17 oktober		bombardement Oosterstreng – Breedslaglaan
1942		21 november		gashouder aan Tolweg in brand geschoten
1943		21 januari		scherfgevaar door luchtdoelbatterij
1943		2 juli			gashouder aan Tolweg in brand geschoten
1943		9 november		scherfgevaar door luchtdoelbatterij
1944		10 februari		brandende bommenwerper nabij boerderij van Planteijt aan Communicatieweg

terug

Inleiding
W.N. 40aH / 40H / 52 / 53 / 41H / 41bH W.N. 54 / 55 / 56-57 / 58 W.N. 61 / 125-126 / 127-128-129
Lunetten / Noordermaatweg Fort Veldhuis / Rijksstraatweg W.N. 47 / 50 Landfront Stpgr. Castricum
Neue Landfront Duitsers in Heemskerk / NSB in Assumburg?